|
|
|
Het allerbeste is om een fret gehele
prooidiertjes te voeren die zijn voorouder, de bunzing, in de natuur ook
zou eten. Voorbeelden hiervan zijn: hele muizen, ratten, gerbils, cavia's,
kwartels, duiven en ander gevogelte. Zorg er wel voor dat je voornamelijk
volwassen dieren voert, jonge dieren bevatten veel minder voedingswaarde.
Eendagskuikens kunnen als tussendoortje gegeven worden.
|
 |
Ze zijn niet
geschikt als hoofd bestandsdeel van de voeding omdat ze niet overeenkomen
met de voedingswaarde van een prooidiertje. De hele prooidieren zijn vaak
te halen bij reptielenwinkels.
Indien je geen hele prooidieren voert is
het verstandig de volgende percentages aan te houden: zo'n 10% bot, 3 à
5% lever, 5 à 10% hart en de rest spiervlees. Spiervlees is dus al het
vlees wat geen orgaanvlees is, denk hierbij bijvoorbeeld aan kipfilet.
Geef nooit kale botten, maar altijd botten met vlees eraan. Voer ook bij
fretten het liefste wild en gevogelte |
|
omdat dit de meest natuurgetrouwe
voeding is. Voorbeelden zijn: kippen en eendennekjes, vleugels, kwartels,
kalkoensvlees, fazant en kipfilet. |
Je kunt af en toe een rauw eitje geven.
Granen, groente en fruit zijn uit de boze voor fretten: absoluut niet
geven dus! Fretten kunnen dit niet verteren en bovendien kunnen sommige
van deze voedingsmiddelen voor verstoppingen zorgen. Teveel van deze
plantaardige eiwitten kan leiden tot allerlei gezondheidsproblemen, denk
hierbij onder andere aan huid en darmproblemen, ontstekingen en een
slechte groei.
Fretten hebben een heel snelle
spijsvertering. Voer dus meerdere keren per dag: een fret laten vasten is
dus ook uit den boze. |
 |
| Een fret op rauw hoeft minder malen per dag te eten
dan een fret op brok omdat rauwe voeding dierlijke vetten bevat en dit
anders verteert dan de vele koolhydraten die in brokken zitten. |
|