|
Ook honden die problemen hebben met hun
gezondheid zijn gebaat bij een goede voeding. Let er wel op dat bij de
overstap de klachten eerst kunnen verergeren voor het verbetert en de
toestand stabiel wordt. Het overstappen met zogenaamde probleemhonden kun
je het beste doen in overleg met een pro-rauw dierenarts. Deze kan je stap
voor stap begeleiden en op tijd ingrijpen mocht het niet helemaal vlot
verlopen. Op diverse rauwvoer fora vind je ook veel deskundige begeleiding
van mensen die je met alle plezier willen helpen echter kan dit nooit het
advies en de begeleiding van een dierenarts vervangen.
Nierpatiënten
Een hond die last heeft van nierproblemen heeft ook baat bij een
zelfsamengestelde, rauwe voeding. Het is echter wel van belang om met een
aantal dingen rekening te houden. Het is belangrijk om een hond die
nierproblemen heeft een voldoende percentage vet te verschaffen.
Nierpatiënten hebben namelijk de neiging om hun eigen spiereiwitten af te
breken, dus een goede energiebron zoals vet kunnen ze zeer goed gebruiken.
Gebruik hiervoor het liefst rauw vet, en denk hierbij aan rauw schapen of
geitenvet.
Geef zo weinig mogelijk vlees wat fosfor
bevat. Dit houdt ook in dat je zuinig moet zijn met orgaanvlees want dat
is namelijk rijk aan fosfor. Een hond heeft natuurlijk wel wat lever
nodig, maar 5 à 10% van het totale menu aan orgaanvlees is meer dan
voldoende voor een nierpatiënt. Vuile pens mag wel met een gerust hart
meerdere keren gevoerd worden.
Het is aan te raden om meer bot van
gevogelte te geven en minder botten van andere diersoorten. Botten van
gevogelte bevatten namelijk een lager fosforgehalte.
Honden met
alvleesklierproblemen
Honden die problemen hebben met hun alvleesklier hebben in hun
zelfsamengestelde dieet persé pancreas nodig. Ongeveer 40-45% van de
gehele voeding dient uit pancreas te bestaan.
Hond met maag en
darmklachten
Een hond op maag en darmklachten moet rustig overgezet worden op rauwe
voeding. Het beste kun je de hond twee weken lang enkel en alleen lappen
vuile pens geven. Runderpens is doorgaans wat vetter dan lamspens. Het is
van belang om niks anders te verstrekken. Pens is lichtverteerbaar en
daarom ideaal voor honden met maag en darmklachten. Let er wel op dat de
klachten eerst kunnen verergeren voor de hond weer in een stabiele
toestand komt.
Hond met
(eiwit)allergie
Een hond kan onmogelijk allergisch zijn voor alle eiwitten maar wel voor
enkele. Om uit te sluiten voor welke eiwitten de hond allergisch is, is
het van belang om deze een soort van eliminatiedieet te laten volgen. Geef
zes weken lang een diersoort die de hond nog nooit gehad heeft en waarvan
je alles kunt krijgen. Dus zowel de botten, organen als het spiervlees.
Geef absoluut niets anders tussendoor, ook geen kleine hoeveelheden van
wat anders of tussendoortjes. Indien dit na zes weken goed gaat dan kun je
een tweede diersoort introduceren, ook dit weer zes weken lang. Het
schrappen van graan van het menu is absoluut een must voor honden met
allergische reacties.
Hond met
suikerziekte
Honden met suikerziekte dienen sowieso koolhydraatvrij gevoerd te worden,
dit betekent automatisch dat je granen en fruit van het menu dient te
schrappen.
Te dikke honden
De voorouders van onze honden leefden in een tijd dat het niet gemakkelijk
was om aan voedsel te komen en er altijd honger dreigde. Ze overleefden
door zich uitbundig te goed te doen als ze het geluk hadden een maaltijd
te pakken te krijgen. Door zich vol te vreten hadden ze meer kans om
slechte tijden te overleven. Alhoewel honden zich geen zorgen meer hoeven
te maken over hun volgende maal zijn ze er nog steeds op uit om zoveel
mogelijk voedsel naar binnen te werken. Dikke honden kun je het beste
magere vleessoorten geven. Geen runderpens, geit en schaap maar vooral
konijn, kip en paardenvlees. Dikke honden voer je gemiddeld 1,5 tot 2% van
hun lichaamsgewicht. Je kunt ook 1 derde van de maaltijd vervangen voor
groente en of ruwe vezel.
Te magere honden
Honden die mager blijven kun je het beste met vette soorten zoals vette
vis, runderpens, geit en schapenvlees voeden. Extra rauw schapenvet bij
elke maaltijd is aan te bevelen. Neem 50 tot 100 gram vet per dag als
richtlijn, vet wil nog wel eens laxerend werken, het is dus belangrijk dat
je even goed kijkt hoe jouw hond erop reageert. Verder kun je het beste 3%
van het lichaamsgewicht van de hond gaan voeren. |